Doorgaan naar hoofdcontent

Maandagmorgenoverpeinzingen



Ik sta voor het raam en haal een stofdoek langs de vensterbank 
in de kamer van mijn oudste zoon. Mijn blik dwaalt naar buiten. Wat is het mooi daar. De zon komt op, en maakt de morgen wakker.
Opnieuw een morgen waarin de huizen, de bomen en de auto’s bedekt zijn onder een laagje ijs.
Glimlachend neem ik onze eigen auto op. De jongens hebben er vanmorgen voordat ze richting school holden, een lachend gezichtje op getekend.





Het is dan wel geen sneeuw, maar toch denk ik aan die prachtige tekst in Jesaja. 

Al waren uw zonden als scharlaken,
wit als de sneeuw zal Ik jou maken. 

Als de wereld zo langzaam ontwaakt, en bedekt is met een laagje ijs,
straalt er zo’n serene rust van uit. De natuur is stil en wacht op de zon,
die haar zal verwarmen.
En wanneer dat gebeurt, en het licht van de zon het ijs beschijnt, schittert het ijs
terug.
In de verte hoor ik een vogel fluiten. Een lied van aanbidding voor Zijn Maker.
En ik denk aan iets wat ik vorige week hoorde:

Twee musjes zitten in een boom en slaan de mensen gade.
‘Wat doen ze toch druk’ zegt het ene musje.
‘Ze maken zich altijd zorgen, en zijn bijna altijd wel iets aan het doen.’
‘Ach’ zegt het andere musje ‘ze weten vast niet dat er een Vader is, die altijd voor hen zorgt.’




Wat heerlijk toch; een Vader Die zorgt, een Vader Die vergeeft.
Ik wil zo graag een leven dicht bij Hem. Ook al val ik nog honderd keer,
ik mag weer opstaan. Me schoon laten wassen en wit worden als sneeuw.
Zodat ik, al struikelend en opstaand, iets van Zijn licht mag weerspiegelen.
Wetend dat Hij in alles voor mij zorgen zal. 

       De HEER wil ik prijzen, elk uur van de dag,

mijn mond is altijd vol van zijn lof.

Psalm 34:2


Reacties

Populaire posts van deze blog

Als er niets meer klopt...

Met een brede lach stond ze voor mijn deur.
‘Wat een prachtig stuk om te rijden zeg!’ zei ze.
En ze vertelde hoe ze had genoten van het rijden over dijk langs het water.
Naast haar stond haar zoontje. Een heerlijke peuter van toen drie jaar.
Voordat ik het wist liep ze naar boven met onze stofzuiger en nadat ze haar
haren had vastgezet met een klip ging ze aan de slag. 
Mijn hele huis werd schoon.
We dronken koffie in de tuin en ze verbaasde zich over de musjes die zo dichtbij kwamen.
Ze lapte mijn ramen en toen ze klaar was nam ze mijn handen in de hare en bad, voor mij en voor ons gezin. 
Wat was ik dankbaar dat zij deed wat ik niet kon, omdat mijn rug het af liet weten.
Wat was ik blij met haar oprechte lach en haar gebed. Het gaf me hoop op dat moment.

Vandaag is ze ziek. Heel erg ziek. Vorige week ontving ik het verpletterende bericht. Menselijk gezien kan ze niet meer beter worden. Soms zijn berichten te erg om in één keer tot je door te laten dringen.
Ik zat als verdoofd op de bank.
En in de…

Beginnen met rust

Drukke weken. Je kent ze vast wel. Dat je op zondagavond eigenlijk al weet dat je wallen aan het einde van de week op je knieën zullen hangen. Nog niet zo lang geleden had ik zo’n week. Bijna elke dag een afspraak, of iets anders leuks waar ik van vond dat ik er aan deel moest nemen. Tussen alle activiteiten door deed ik mijn best om rust te nemen, maar mijn hoofd draaide overuren. ‘Hoe plan ik dit en hoe regel ik dat? En wat eten we vanavond?’ Ondertussen waren er ook nog twee jongetjes die mijn aandacht vroegen en die vrijdag kroop ik tot op mijn botten vermoeid terug in bed nadat al mijn mannen de deur uit waren gegaan.
‘Ik ben zo vreselijk moe Heer’ bad ik nog terwijl mijn ogen langzaam dicht vielen. Ik sliep een paar uurtjes lekker bij. Eenmaal weer wakker en aangekleed zette ik koffie en sloeg mijn bijbel open bij het hoofdstuk waar ik de vorige dag gebleven was: Lukas 10.
Jezus is daar op bezoek bij Martha en Maria. Martha is druk bezig met dienen. Maria zit aan de voeten van haar…

Water in wijn

Inmiddels ben ik nu een aantal weken bezig met het revalidatie-traject waar ik na de zomervakantie aan zou beginnen. Als mensen aan me vragen hoe het ermee gaat vind ik dat lastig te beantwoorden. Het is vreselijk en het is prachtig tegelijk. Het doet pijn om in te zien dat bepaalde dingen niet (meer) kunnen. Het is afscheid nemen van verlangens en dromen die ik heb. In mijn hoofd wil ik nou eenmaal meer dan wat mijn lijf kan. Tegelijk merk ik dat er langzaam maar zeker een balans komt. Een weten: dit kan ik aan en het is genoeg. Omdat... omdat God blijkbaar niet meer van me vraagt dan dat.
Als er iets is wat ik in de afgelopen weken heb geleerd, is het dat prioriteiten stellen ontzettend belangrijk is. Juist omdat ik niet zoveel energie heb is het belangrijk om goed te bedenken waar ik mij energie aan wil geven. Daar heb ik de laatste weken veel over nagedacht en eigenlijk is er maar één ding wat overbleef. Namelijk: samenwerken met God.
Jezus zegt: neem Mijn juk op je en leer van Mij…